Fysiotherapie
Fysiotherapie helpt je klachten begrijpen en gericht aanpakken. We kijken samen naar de oorzaak en begeleiden je stap voor stap. Zo werk je aan herstel dat bij jou past.

Je arm hangt in een mitella, je slaapt half rechtop tussen de kussens en je jas aantrekken is ineens een klus voor twee. De operatie is achter de rug, en toch voelt het alsof het echte werk nu pas begint. Dat klopt ook. Je orthopeed heeft een pees vastgezet, een botblokje geplaatst of een stukje sleutelbeen weggehaald. Je schouder weer laten bewegen, sterk maken en leren vertrouwen, dat gebeurt in de weken en maanden daarna.
Op deze pagina lees je wat revalidatie na een schouderoperatie inhoudt, na welke operaties wij je begeleiden en hoe zo’n traject er ongeveer uitziet. Of je nu een peeshechting, een Latarjet of een laterale claviculaire resectie hebt gehad: voor je revalidatie kun je bij ons terecht. Ook als je in het ziekenhuis bent geopereerd, en gerust al vóór je operatie.
Revalidatie na een schouderoperatie is het begeleide herstel ná de ingreep. Na de operatie heeft het weefsel tijd nodig: een gehechte pees groeit weer vast op het bot, een botblokje vergroeit met de kom en een wond wordt een stevig litteken. Tegelijk wil je voorkomen dat je schouder in die tijd stijf wordt en je spieren verzwakken. Revalideren is het evenwicht tussen die twee: beschermen wat nog geneest, en bewegen wat al mag.
Veel mensen zien revalidatie als nazorg. Wij zien het liever als de tweede helft van de behandeling. Een pees die netjes vastzit maar daarna nooit meer sterk wordt, levert je weinig op. De operatie maakt herstel mogelijk, de revalidatie maakt het af.
Hoe je revalidatie eruitziet, hangt sterk af van wat er is gedaan. Na het hechten van een pees staat beschermen voorop, en draag je je arm meestal drie tot zes weken in een mitella [1]. Na een stabiliserende operatie of een Latarjet mag je vaak juist al vanaf de eerste dag bewegen, zolang de pijn dat toelaat [2]. Je orthopeed geeft daarom een protocol mee: een schema met wat wanneer mag. Dat protocol is ons vertrekpunt. Wil je de algemene uitleg van huisartsen lezen? Kijk dan op Thuisarts over schouderklachten. Op onze pagina over schouderklachten lees je meer over de klachten die aan een operatie vooraf kunnen gaan.
We begeleiden mensen na allerlei ingrepen aan de schouder, van een kijkoperatie tot een nieuwe schouder. De bekendste is het hechten van een of meer pezen van de rotator cuff: de groep spieren die de kop van je bovenarm in de kom houdt. Die operatie werd de afgelopen decennia steeds vaker gedaan. In Finland, waar alle operaties landelijk worden bijgehouden, verdrievoudigde het aantal peeshechtingen tussen 1998 en 2011 [3].
Denk je bij een schouderoperatie aan een profsporter met een blessure? Dan heb je maar een deel van het plaatje. In datzelfde Finse onderzoek was de gemiddelde patiënt met een peeshechting 56 jaar, en ontstond ongeveer de helft van de scheuren zonder duidelijk ongeluk [3]. Een stabiliserende operatie zien we juist vaker bij jonge, sportieve mensen. Dit zijn de operaties waar wij het vaakst mee te maken hebben:
Staat jouw operatie er niet tussen? Bel of mail ons gerust, vaak kunnen we alsnog met je meedenken. En heb je nog geen operatie gehad, maar twijfel je of het nodig is? Op onze pagina’s over AC-klachten en schouderinstabiliteit lees je hoe ver je vaak komt met gerichte oefentherapie.
Geen twee operaties zijn hetzelfde, maar de revalidatie loopt bijna altijd door vier fases. Ook de Nederlandse richtlijn voor stabiliserende schouderoperaties werkt zo. Die adviseert om pas door te schuiven als je schouder er klaar voor is, niet omdat de kalender het zegt [4].
Fase 1: beschermen. De eerste weken draag je vaak een mitella of draagband. Na het hechten van een enkele pees adviseert de richtlijn drie weken, na grotere scheuren waarbij meerdere pezen zijn gehecht eerder zes [1]. Je elleboog, pols en vingers beweeg je gewoon, en vaak mag je schouder al rustig slingeren of met hulp bewegen. Het doel van deze fase: pijn onder controle, een redelijke nachtrust en een schouder die niet vastzit.
Fase 2: beweging terugwinnen. Zodra het mag, ga je je arm weer zelf bewegen. Eerst met hulp van je andere arm of door je hand over een tafel te schuiven, daarna helemaal zelf. Na een peeshechting begint dit meestal rond drie weken, met een rustig oefenschema dat je grotendeels thuis doet [1]. Na een stabiliserende operatie of een Latarjet kan dat vaak veel eerder [2].
Fase 3: kracht opbouwen. Pas als de pees of het bot stevig genoeg vastzit, komt er echte weerstand bij. Na een peeshechting is dat ongeveer vanaf twaalf weken [1]. Denk aan elastiek, gewichtjes en later oefeningen met je arm boven je hoofd.
Fase 4: terug naar werk, sport en klussen. In de laatste fase train je precies wat jij weer wilt kunnen. Een doos op een hoge plank zetten, een baan zwemmen of weer een bal gooien. Het gaat dan niet alleen om kracht, maar ook om controle, snelheid en vertrouwen in je schouder [4].
Klinkt als een strak schema, we weten het. In de praktijk loopt het zelden zo rechtlijnig. Daarom kijken we bij elke afspraak opnieuw wat jouw schouder vandaag aankan.
Een paar feiten over schouderoperaties en de revalidatie daarna [1-3]:
Eerlijk is eerlijk: reken in maanden, niet in weken. De operatie duurde een ochtend, maar een gehechte pees heeft weken nodig om vast te groeien en maanden om weer echt sterk te worden. In het Noorse onderzoek naar peeshechtingen tilden alle deelnemers de eerste drie maanden niets zwaarders dan het gewicht van hun eigen arm [1]. Dat is geen teken dat het slecht gaat, maar hoe een pees nu eenmaal herstelt.
Na een ingreep waarbij niets hoeft vast te groeien, zoals het weghalen van een stukje sleutelbeen, pak je het dagelijks bewegen vaak sneller weer op. Maar terug naar een contactsport, werk boven je hoofd of zwaar tillen vraagt na bijna elke schouderoperatie meerdere maanden. De richtlijn voor stabiliserende operaties gaat bij de standaard nabehandeling uit van evaluatiemomenten na zes weken en na drie, zes en twaalf maanden [4].
En herstel gaat zelden in een rechte lijn. Een dag met meer pijn na een drukke dag betekent niet dat er iets is losgeschoten. Dit zijn momenten waarop het slim is om bij ons langs te komen:
Heb je koorts, wordt je wond rood, warm of nat, neemt de pijn ineens flink toe, wordt je arm dik, of houden tintelingen en krachtverlies in je arm of hand aan? Neem dan dezelfde dag contact op met je orthopeed of huisarts. Wacht daarmee niet tot je volgende fysioafspraak.
Samen stemmen we je revalidatie af op het protocol van je orthopeed en op wat jij straks weer wilt kunnen, van je jas aantrekken tot je sport.
Plan online een afspraak. Dat kan ook al vóór je operatie.
Eigenlijk begint het al vóór de operatie. Leg je dagelijkse spullen op heuphoogte en zoek kleding die voor open kan, zoals een vest met knopen. Ken je je eerste oefeningen al voordat je arm in de mitella zit, dan start je rustiger. Daarom kun je gerust vóór je ingreep al bij ons langskomen.
Houd je daarna aan het protocol van je orthopeed, ook als het goed voelt. Voelt je schouder na twee weken prima? Mooi, maar een pees die net is vastgezet heeft nog geen boodschap aan hoe het voelt. Draag je mitella zoals afgesproken en let extra op bij traplopen en op natte vloeren. Met je arm vast ben je minder stabiel, en de richtlijn noemt een grotere kans om te vallen als nadeel van een draagband [1].
Beweeg alles wat wél mag. Open en sluit je hand, buig en strek je elleboog en draai je pols, een paar keer per uur. Maak elke dag een wandeling. Je schouder rust misschien nog, de rest van je lijf niet.
Neem de eerste dagen je pijnstilling zoals afgesproken met je arts, vaak op vaste tijden. Dan lukt slapen en oefenen beter. Een coldpack in een theedoek geeft vaak verlichting. Slapen gaat de eerste weken meestal het best half rechtop, met een kussen onder je elleboog, zodat je arm niet naar achteren zakt. Goede slaap en herstel hangen nauw samen. En merk je dat je ligt te piekeren over je schouder? Ook stress vertraagt je herstel.
Doe je oefeningen tot slot liever vaak en kort. Een paar keer per dag tien minuten past makkelijker in je dag dan één lang blok. Revalideren na een schouderoperatie is een lange adem. Hoe je dat volhoudt als de eerste motivatie wegzakt, lees je in onze blog over volhouden zonder motivatie.
We beginnen met een intake. Neem als het kan je operatieverslag, de ontslagbrief of het protocol van je orthopeed mee. We willen weten wat er precies is gedaan, wat er nog niet mag en wat jij over drie, zes en twaalf maanden weer wilt kunnen. Daarna kijken we naar je schouder: hoe ver hij beweegt, hoe de wond eruitziet, hoe je spieren aanspannen en hoeveel pijn je hebt.
Met die informatie maken we een plan dat de fases van je protocol volgt, maar ook naar jou kijkt. Revalidatie na een schouderoperatie valt bij ons onder revalidatie na een operatie, als onderdeel van onze fysiotherapie. We bouwen op in stappen die steeds net iets verder gaan dan de week ervoor. Loopt iets anders dan verwacht, of twijfelen we over de volgende stap? Dan overleggen we zelf met je orthopeed, zodat jij niet tussen twee behandelaars in komt te staan.
In de latere fases verschuift het van oefenen naar trainen. Wil je terug naar tennis, volleybal, zwemmen of een contactsport, dan helpt sportfysiotherapie je om gooien, vangen en vallen stap voor stap weer op te bouwen. Merken we dat angst om je schouder opnieuw te beschadigen je remt, dan pakken we dat ook aan. De richtlijn raadt aan om je daar geleidelijk aan te laten wennen, in plaats van die bewegingen te blijven vermijden [4]. Wil je daarna zelfstandig sterker blijven worden, dan kun je doorstromen naar De Fitnessvrienden.
Soms gaat het trager dan gehoopt. Blijft je schouder maanden na de operatie stijf en pijnlijk, wordt de nachtpijn eerder erger dan minder, of komt je kracht niet terug terwijl je goed oefent? Dan kijken we samen met je orthopeed wat er speelt. Soms is een tweede blik of aanvullend onderzoek nodig. We blijven je in dat traject gewoon begeleiden.
Dat hangt af van je operatie en je orthopeed. Na een stabiliserende operatie of een Latarjet adviseert de Nederlandse richtlijn om de mitella zo snel mogelijk af te bouwen en functioneel te beginnen, eventueel met een fysiotherapeut [2]. Na een peeshechting begint het actieve oefenen meestal rond drie weken [1]. Een eerste afspraak kan vaak al eerder, voor uitleg en veilige oefeningen voor je elleboog, pols en hand.
Korter dan vroeger, en het verschilt per ingreep. Na het hechten van één pees adviseert de richtlijn drie weken, na grotere scheuren waarbij meerdere pezen zijn gehecht eerder zes [1]. Na een stabiliserende operatie of een Latarjet adviseert de richtlijn om de draagband zo snel mogelijk af te bouwen. In de eerste, pijnlijke dagen kan hij wel prettig zijn [2]. Je orthopeed bepaalt wat voor jou geldt.
Een beetje wel. Wat spanning of een zeurend gevoel tijdens en na het oefenen hoort bij herstellen, en is meestal geen teken dat er iets misgaat. Samen bepalen we waar jouw grens ligt. Is het de volgende ochtend weer tot rust gekomen, dan zat je meestal goed. Scherpe pijn, pijn die blijft toenemen of pijn samen met koorts is iets anders: neem dan contact op met je orthopeed.
Met je arm in een mitella rijd je niet. Daarna pas als je je arm snel en met kracht kunt gebruiken, zodat je in een noodsituatie zonder aarzelen kunt sturen en remmen. Dat moment verschilt per operatie en per persoon. Bespreek het met je orthopeed en check bij twijfel ook je autoverzekering. In de praktijk kunnen we samen testen of je schouder er klaar voor is.
Wandelen, fietsen op een hometrainer en beentraining lukken vaak al vroeg. Sporten waarbij je gooit, valt, zwemt of zwaar tilt, bouw je pas op als je schouder daar in de oefeningen klaar voor is. De richtlijn adviseert om dat te laten afhangen van mijlpalen, zoals kracht, controle en vertrouwen, en niet van een datum op de kalender [4]. Ook angst voor een nieuwe blessure telt daarin mee.
Ja, dat kan. Je kiest zelf je fysiotherapeut, ook als je ergens anders bent geopereerd. Neem je protocol of ontslagbrief mee, dan sluiten we daarop aan en overleggen we waar nodig met je orthopeed. Meestal heb je geen verwijzing nodig. Fysiotherapie wordt meestal vergoed vanuit je aanvullende verzekering. Op onze pagina over tarieven en vergoedingen lees je wat dat voor jou betekent.
[1] Nederlandse Orthopaedische Vereniging. Richtlijn Subacromiaal Pijnsyndroom van de Schouder (SAPS), module Duur van immobilisatie als nabehandeling. Richtlijnendatabase, Federatie Medisch Specialisten; 2025. Via Richtlijnendatabase: richtlijnendatabase.nl/richtlijn/saps/duur_van_immobilisatie_als_nabehandeling.html
[2] Nederlandse Orthopaedische Vereniging. Richtlijn Chronische posttraumatische anterieure schouderinstabiliteit, module Immobilisatie bij de nabehandeling. Richtlijnendatabase, Federatie Medisch Specialisten; 2026. Via Richtlijnendatabase: richtlijnendatabase.nl/richtlijn/chronische_posttraumatische_anterieure_schouderinstabiliteit/nabehandeling/immobilisatie_bij_de_nabehandeling.html
[3] Paloneva J, Lepola V, Äärimaa V, Joukainen A, Ylinen J, Mattila VM. Increasing incidence of rotator cuff repairs–A nationwide registry study in Finland. BMC Musculoskelet Disord. 2015;16:189. Via de uitgever: doi.org/10.1186/s12891-015-0639-6
[4] Nederlandse Orthopaedische Vereniging. Richtlijn Chronische posttraumatische anterieure schouderinstabiliteit, module Terugkeer naar functie en sport. Richtlijnendatabase, Federatie Medisch Specialisten; 2026. Via Richtlijnendatabase: richtlijnendatabase.nl/richtlijn/chronische_posttraumatische_anterieure_schouderinstabiliteit/nabehandeling/terugkeer_naar_functie_en_sport.html
‘Complete zorg in hartje Stratum’




'Samen gezond in Blixembosch'




"Actief herstellen in Aalst-Waalre"




Je hoeft er niet langer mee rond te blijven lopen. Plan online een afspraak — snel, makkelijk en wanneer het jou uitkomt — of bel ons even.